Beluister de podcast op   Logo Spotify podcast   Logo Itunes podcast

Beluister de podcast op   Logo Spotify podcast   Logo Itunes podcast

Luister de podcast

donderdag 12 augustus

Bidden met Calvijn in Babel

Daniël leefde ver van huis en deed daar lessen op voor het leven. Geen onderwijs dat hem dichterbij God bracht, zou je denken. Hij studeerde immers aan de universiteit van de Chaldeeën. Toch bleef Daniël staande. 

Daniël

Johannes Calvijn (1509-1564) leefde in een kantelende tijd, waarbij de Hervorming sporen trok in Europa. Soms leidde dat tot levensgevaarlijke situaties voor hen die Christus leerden volgen, tegen de stroom in. 

Vrijwel dagelijks beklom Calvijn de kansel in Geneve om onderwijs te geven. Hij behandelde Bijbelboeken in hun geheel, dus ging op woensdag verder waar hij dinsdag gebleven was. Sporen daarvan zien we terug in zijn Bijbelcommentaren waar hij verwijst naar het onderwijs van gisteren, waar hij vervolgens op voortborduurt. Zo ook in zijn onderwijs over het boek Daniël. In een paar preken behandelde hij hoofdstuk 1 van dit boek; de geschiedenis waarbij Daniël en zijn vrienden ervoor kiezen om niet mee te doen met de meerderheid. Dat nam Daniël zich voor in zijn hart. Hij wilde de Heere dienen, die hij liefhad. Door genade kon hij niet anders. Het zou zijn leven tekenen.  

Gebed

Aan het eind van zijn preken sprak Calvijn een kort gebed uit, die blijkbaar door iemand werden genoteerd. Bij diverse Bijbelgedeelten staan ze weergegeven tussen de uitleg door. Zo ook bij Daniël 1. In zijn gebed hoor je dat Calvijn de Heere aanroept in het besef dat we het van dezelfde genade moeten hebben als Daniël. Dat gold destijds in Babel, evenals in het Genève van de zestiende eeuw, zo ook vandaag in de eenentwintigste eeuw. De tijden veranderen, de omstandigheden ook; maar de Heere niet. 

Geef – almachtige God -, aangezien U ons als in een spiegel laat zien Uw wondere voorzienigheid en Uw rechtvaardig handelen met Uw oude volk, dat wij er vast van overtuigd mogen zijn dat Uw hand ons beschermt. Geef, dat wij, vol vertrouwen op U, mogen hopen – wat er ook mag gebeuren – op Uw bescherming, aangezien U onze veiligheid nooit uit het oog verliest, zodat we U mogen aanroepen met een onbezorgd en rustig hart. 

Mogen wij te midden van alle omwentelingen in de wereld alle gevaren onverschrokken afwachten, zodat wij op grond van Uw onfeilbaar Woord, standhouden, en wij – steunend op Uw beloften – niet twijfelen, dat Christus, in Wie U Zich heeft willen verzoenen, en aan Wie U het herderschap over heel Uw kudde hebt toevertrouwd, zo voor ons zal zorgen, dat Hij ons gedurende onze strijd zal leiden, hoe groot de beroeringen en moeilijkheden ook mogen wezen, totdat voor ons de hemelse rust aanbreekt, die Hij door Zijn bloed voor ons heeft verworven – Amen. 

Luister deze blog als podcast

Lees verder over dit onderwerp

Wonder van nieuw leven

Het leven is een geschenk van God. We kunnen het niet maken, Hij schenkt het. Dat maakt mensen klein bij een groot...