Beluister de podcast op   Logo Spotify podcast   Logo Itunes podcast

Beluister de podcast op   Logo Spotify podcast   Logo Itunes podcast

Luister de podcast

woensdag 9 februari

Ebenezer Erskine: verbond vernieuwen

Het dienen van de Heere is niet maakbaar. Dat merk je vanzelf, als je iets probeert te presteren voor God. Het breekt soms af waar je bij staat. Uiteindelijk leidt wettisch streven niet tot vrede met God. De wet drijft ons naar Christus toe, om van Zijn genade te leven. De Heilige Geest doet vrucht dragen vanuit Hem. 

Trouw

De trouw die de Heere toont, vormt een schril contrast met onze trouw aan Hem. Waar Hij ons steeds weer terugroept, blijken wij weglopers te zijn. Zo is het begonnen in het paradijs. Zo is het vandaag, ook als we van genade leerden leven. Als de Heere zou zijn als wij, waren wij verloren. Wonderlijke genade dat zondaren uit genade gered worden.  

Afwezigheid

Soms besef je heel diep: ik moet overnieuw beginnen. Je herinnert je een tijd van dichtbij de Heere leven. Alles wat je deed, werd gekenmerkt door de vraag: ‘Heere, wat wilt U dat ik doen zal?’ Maar nu, het lijkt alsof de omgang is verkild. De ervaring van Gods aanwezigheid en ontferming lijkt zo ver weg. Dat geeft gebed om de vernieuwende werking van de Heilige Geest. Christus weer te mogen zien in Zijn schoonheid.

Belofte

Onder christenen in de puriteinse traditie had men de gewoonte om een verbond met God te maken. Een belofte aan God te doen, als uiting van hernieuwde trouw aan Hem. Niet dat men dacht dat dit allemaal maakbaar was. Dat blijkt wel uit de aantekening van Ebenezer Erskine hieronder. Hij moest terugkomen op een eerder verbond dat hij maakte en beleed ernaar te verlangen om in trouwere omgang met de Heere te leven. 

Gods trouw is van oneindig veel meer waarde dan de trouw van mensen. Wij blijken steeds weer te falen in onze trouw aan Hem, Hij niet in Zijn trouw aan hen die Hij liefheeft. Hij houdt vast, juist daar waar wij loslaten. 

Verbond

Ebenezer Erskine schreef onderstaande woorden als persoonlijk ‘verbond’ dat hij maakte met God. Deze aantekening werd aangetroffen tussen zijn paperassen. We zouden het een ‘heilig voornemen’ noemen, voor Gods aangezicht. Hij laat zich daarbij in het hart kijken. 

“O mijn God! omdat ik zo vaak mijn verbond van plicht met U heb verbroken, (hoewel, geloofd zij Uw Naam, het verbond van de genade met mijn Borg nooit kan verbroken worden) bekrachtig en vernieuw ik het vandaag en verlang ik ernstig genade van U, o Heere, het op een andere manier te houden dan ik het gedaan heb. 

Omdat ik van mijzelf zwak en onbekwaam ben tot iets, verlang en smeek ik telkens weer, dat U met mij wilt handelen, overeenkomstig Uw zoete belofte, waarop ik de zaligheid van mijn ziel leg, en dat U het woord mag gedenken, o getrouwe God, dat in Ezech. 36:26 staat geschreven: “En Ik zal u een nieuw hart geven, en zal een nieuwe geest geven in het binnenste van u: en Ik zal het stenen hart uit uw vlees wegnemen, en zal u een vlezen hart geven.” Op welke woorden U Uw dienstknecht hebt doen hopen. In het geloof, dat U Uw woord zult vervullen, vernieuw en bekrachtig ik mijn vorig verbond, en zweer, dat ik voor eeuwig van de Heere zal zijn in een eeuwig verbond, dat ik niet alleen met mijn hand, maar met mijn hart onderteken.

Ebenezer Erskine

“Uw bezworen dienstknecht.”

Luister deze blog als podcast

Lees verder over dit onderwerp

Wachter op de muren

‘Wachter op de heilge muren, Wachter! wijkt nog niet de nacht?’ Christian Gottlob Barth (1799-1862) legde...