Beluister de podcast op   Logo Spotify podcast   Logo Itunes podcast

Beluister de podcast op   Logo Spotify podcast   Logo Itunes podcast

Luister de podcast

donderdag 21 april

Ralph Erskine: In de kracht van een belovend God

Een persoonlijk dagboek vormt een uitlaatklep voor de schrijver, maar geeft na de dood een venster op zijn leven. Zo ook bij Ralph Erskine, als we zijn aantekeningen van zondag 13 maart 1737 op ons in laten werken. 

Erskine

De broers Ebenezer en Ralph Erskine opereerden in een ingewikkelde fase van het kerkelijk leven in Schotland. Hun bediening werd niet alleen tot zegen in hun eigen tijd, maar ook vandaag vinden hun boeken de weg naar veel lezers. 

In zijn dagboek schreef Ralph Erskine met regelmaat over zaken die hem raakten, terugblikkend op de dag. Zo ook zondag 13 maart 1737: 

Vanmorgen verlangde ik opwaarts tot de Heere te zien om hulp, en werd ik geholpen bij het werk van deze dag. Tussen de preken door, en toen ik vanmiddag zou preken over 1 Kor. 15: 55: “Dood, waar is uw prikkel?” enz., lag ik, voor ik wegging, neer op mijn knieën en mocht ik met gloed een korte ontboezeming opzenden, en zeggen: Ik zal heengaan in de kracht van een belovend God, van een belovende Christus, en van een belovende en beloofde Geest. En deze middag werd ik verlevendigd bij het preken en bidden. 

Ook vanavond, nadat ik een paar zieken bezocht had, werd ik bij het bidden versterkt met kracht in mijn ziel, en genoot ik enige vreugde en vrede bij het geloven aan Gods beloften. Vernederd, als ik was, onder een gevoel van zondigheid en leegheid. En toch mocht ik in Christus roemen als de wijsheid, rechtvaardigheid, heiligmaking en verlossing. Ja, in alles wat ik nodig had. 

Ook mocht ik, bij de overweging van mijn huidige omstandigheden zeggen: “Ik ben velen een wonderteken, maar U bent mijn sterke Toevlucht. Ik zal geen kwaad vrezen, als U maar met mij zijt, nu ik verkeer op een weg die ik niet ken, en op een pad, dat ik niet geweten heb.” 

Ik mocht bij God pleiten op dat wat Christus deed en leed; en op de liefde die Hij voor Christus heeft. En op de heerlijkheid die Hij door Christus bezit. Om zó bij God te pleiten, was zoet en smeltend voor mijn ziel. 

Ook mocht ik opnieuw onder het uitgieten van de ziel, mijn vrouw en kinderen opnieuw aan de Heere toevertrouwen, op Hem ziende in de belofte: “Deze dingen zal Ik doen en niet nalaten Ik zal uw God zijn en de God van uw zaad.” Ik mocht Zijn verbond, en Gods Naam, Die daarin verklaard is, aangrijpen en speciaal mijn kinderen op de zorg van de Heere Jezus werpen, als de Gevolmachtigde van de Vader. En weer op Hem zien als de Heer van alles, door bij mijzelf te besluiten om gerust te zijn in het geloof en in de hoop, dat zij aan Hem zijn toevertrouwd.’ 

Leestip: Ralph Erskine, zijn leven beschreven naar zijn dagboek – ds. Donald Fraser (Kool, 1979). 

Luister deze blog als podcast

Lees verder over dit onderwerp

Wachter op de muren

‘Wachter op de heilge muren, Wachter! wijkt nog niet de nacht?’ Christian Gottlob Barth (1799-1862) legde...