Beluister de podcast op   Logo Spotify podcast   Logo Itunes podcast

Beluister de podcast op   Logo Spotify podcast   Logo Itunes podcast

Luister de podcast

dinsdag 14 september

Kleine mensen en een grote God (1)

Zijn naam lag op de lippen van tienduizenden mensen. ‘Nebukadnezar…’ Een naam die stond voor kracht, invloed, macht. Hij kon over leven of dood bepalen met een enkele wenk van zijn hand. Rivaliserende volken liep hij onder de voet, massa’s mensen werden verplaatst. Alles moest buigen voor zijn wil. Maar ’s nachts wist hij zich kwetsbaar. 

Nacht

Kon hij overdag de wereld beheersen, ’s nachts ging hij als ieder mens naar bed. Daar moest hij de schijnbare controle over het leven verliezen. Hij droomde en die droom maakte diepe indruk. Zijn ‘geest was verslagen, verontrust, opgejaagd’ (Daniël 2: 1), zijn ‘geest was ontsteld, verontrust’ (Daniël 2: 3). In het Hebreeuws wordt daar twee keer hetzelfde woord gebruikt. Zijn rust is opgezegd. 

Adviseurs

De geschiedenis maakt ons niet duidelijk of Nebukadnezar de droom nu wel of niet onthouden heeft. Beide opties zijn mogelijk. Hij roept de volgende dag zijn wijzen bijeen. Vier klassen van wijzen worden genoemd, die in Babel een rol hadden die vergelijkbaar was met de taak van de profeten in Israël. Hij legt hen zijn vraag en voorwaarde voor. Vertel de droom. Vertel de uitleg. Als je tekst en uitleg geeft, zal ik je schatrijk maken en grote eer geven. Als je geen tekst en uitleg geeft word je op zo’n manier gedood, zodat een normale begrafenis onmogelijk wordt. Van je huis maak ik een mesthoop. Dus maximale oneer. 

Hier zien we wat er gebeurt als angst en macht samenkomen. Dan ontstaat er een permanente dreiging van gruwelijk geweld. Dat is wat een angstige en machtige man kan doen, als hij zich in een bedreigde positie weet.  

Onthullen

Nebukadnezar heeft verwachting van zijn wijzen en tovenaars. Zouden zij die spreken over de toekomst, ook niet het verleden kunnen onthullen? Waarom niet de droom zelf terughalen, als men wel in staat zou zijn om deze met het oog op de toekomst te duiden? 

Dan blijkt echter de wagen stil te staan bij de wijzen en tovenaars: ‘Er is geen mens op de aarde, die dit kan.’ Zij concluderen: alleen de goden kunnen dit. (10-11). Maar wacht even, daar staan zij toch mee in contact? Met het Assyrische boek voor droomuitleg zouden ze aan de hand van de gegeven beelden een idee moeten construeren van wat de droom betekende. Als hun goden zoveel duidelijk maakten, waarom de droom zelf dan niet?

Geen tekst en uitleg

Deze magiërs staan onder een godenrijk dat zij zich verbeelden, maar dat niet bestaat. De koning zakt met hen door het ijs. Zij staan met lege handen. De goden zwijgen. De wijzen durven niet eens een poging te wagen. Waar niets is, valt ook niets te zeggen. 

Dit lijkt in onze tijd een aanvaardde werkelijkheid. Dat de goden zwijgen. Wij westerlingen hebben de bovenwereld verdreven. De goden zijn verdwenen uit de gedachten. In de leegte die ontstond hebben wij de aardse zaken tot onze goden gemaakt. Nu we niet meer omhoog staren, verwachten we het geheel en al van wat je zien en tasten kunt. We willen die werkelijkheid tegen elke prijs beheersbaar houden. 

De mens zonder God kent geen vrede. Kent geen rust. Kent geen overgave. Kent de toekomst niet. Ziet niet verder dan wat voor ogen is. Als we dan wakker worden in een wereld die we niet beheersen kunnen, slaat de angst toe.

Grote God

Terwijl de doodsdreiging boven Babel hangt, verschijnt Daniël weer in beeld. Net als de andere wijzen is hij ten dode opgeschreven. Hij staat op de lijst. Hier zien we de geestelijk denkende diplomaat in Daniël weer wakker worden. Geen rebel, maar een man die de verbinding zoekt. Hij meldt zich bij Arioch, met raad en advies. Daarmee gaat hij na bemiddeling van Arioch naar de koning. Als hij tijd krijgt, zal hij de uitleg geven. Zijn God leeft en spreekt. 

Waar de machtige wijzen aan het hof van Babel met een mond vol tanden en de dood in de schoenen staan, blijkt deze jonge student raad te weten. Hij staat immers niet onder het firmament van een falend godenrijk, maar voor het aangezicht van de levende God. Waar de magiërs falen als men niets krijgt aangereikt, staat Daniël schijnbaar zwak en met lege handen, maar vol vertrouwen. Hij kent zijn God. 

De Heere kan Daniël dat wat verborgen is, openbaren. Omdat Hij er soeverein boven staat. De verborgen krachten die schuilgaan achter de geschiedenis blijken in Zijn macht te zijn. 

Samen met zijn vrienden trekt Daniël zich terug in gebed. Het mysterie ligt verhuld, maar zij beseffen dat de Heere uitkomst kan geven. Hij kan en wil en zal in nood, zelfs bij het naderen van de dood, volkomen uitkomst geven. 

Luister deze blog als podcast

Lees verder over dit onderwerp

Jong in Babel (2)

Te midden van het grote wereldgebeuren, dominante denkschema’s en heidense overmacht, zoomt de Bijbelschrijver in op...

Jong in Babel (1)

Als je strategisch denkt, ben je de rest altijd een paar stappen in denken vooruit. Je doordenkt de gevolgen van...