Beluister de podcast op   Logo Spotify podcast   Logo Itunes podcast

Beluister de podcast op   Logo Spotify podcast   Logo Itunes podcast

Luister de podcast

maandag 29 januari

Ds. G. Boer: Het getuigenis van de Heilige Geest (4)

En wij mogen – mits goed verstaan – zeggen, dat wij in gelijke mate van de goddelijkheid van de Schrift overtuigd worden als de Geest met onze geest getuigt, dat wij kinderen Gods zijn. Daarom is dit getuigenis in onze harten evenzeer voor bestrijding vatbaar als dat wij kinderen Gods zijn. Het is geen getuigenis dat altijd in volle omvang en diepte gekend wordt, ook in de gelovigen. Maar ondanks dit alles, het is aanwezig. Wie deze Geest mist, aan hem komt Christus niet toe.

Bijbel

Met kracht hebben wij dit getuigenis van de Heilige Schrift te handhaven ook in deze tijd. Hoezeer het waar is – wat Bavinck (Geref. Dogm. I, 565) – schrijft, dat wij de divinitas (het goddelijk karakter) der Schrift niet moeten uitbreiden tot de historische, aardrijkskundige data en de volgorde van de tijd, en hoezeer het waar is, dat de feiten van het heil niet als lege feiten het voorwerp van dit getuigenis zijn, evenzeer is het waar dat dit getuigenis de gehele Schrift als één complex en organisch geheel in zich opneemt. Christus is geen idee, maar een historische persoon. Zonde is geen feil, maar een ontzettende werkelijkheid, die verzoening en verlossing nodig maken. Kortom de gehele Schrift wordt door dit getuigenis gedragen en – naar de mate van ons geloof – in ons ingedragen. Het een is niet zonder het ander!

Zo heeft Christus de Schrift verstaan. Zo hebben de apostelen de Schrift verstaan. Zo mogen wij de Schrift verstaan.

Zelfgetuigenis

En het is bijzonder jammer, dat Berkouwer in zijn laatste aflevering van Dogmatische Studieën: De Heilige Schrift, deel I, niet uitgaat van het zelfgetuigenis van de Heilige Schrift, maar zonder ontvouwing van de leer van de Schrift, zoals Christus en de apostelen deze hebben verstaan, begint met de gehele eigentijdse problematiek reeds aan het begin van zijn boek in te dragen en vanuit deze moeilijkheden probeert een eigentijdse leer van de Heilige Schrift op te bouwen. Deze poging moet mislukken, omdat het uitgangspunt verkeerd is.

Berkouwer (H. S. I, blz. 36) wil een binding aan het Evangelie, aan de Christus van de Schriften, waaruit een bezinning over de Heilige Schrift alleen maar kan voortvloeien. De eigen plaats van het Woord Gods los van een voorafgaand aan en verbonden met de kinderen Gods komt zo in gevaar.

Het voert ons te ver hier op allerlei vragen rondom dit boek nu in te gaan. Maar dit mag en moet gezegd worden, dat wij vanuit het eigen werk van de Heilige Geest in de moeilijkheden komen en niet omgekeerd vanuit de moeilijkheden tot de rechte belijdenis van de goddelijkheid van de Schrift. Wie dit vooringenomenheid noemt, ga z’n gang. Het is de vooringenomenheid van Christus en de apostelen. Dan zijn wij in goed gezelschap.

Hoewel er vele vragen zijn over het menselijk karakter van de Heilige Schrift, over de inspiratie, over de aard van het Schriftgezag, enz. enz., waarop wij bij de bespreking van dit boek van Berkouwer in De Waarheidsvriend nog wel hopen terug te komen, één ding staat vast, dat grondslag en doel van onze vereniging alleen gediend is, wanneer wij hoofd voor hoofd gegrepenen zijn, gegrepenen door Christus, gegrepenen om alle gedachten en overleggingen gevangen te laten nemen onder de gehoorzaamheid aan Christus.

Dan rusten wij in het Woord, slapen en staan op, werken en zwoegen wij en weten dat onze arbeid niet ijdel, niet leeg is voor de Heere!

Woord is waarheid

Want God waakt over Zijn Woord. Het is ook vandaag in staat de wereld en de kerk te overwinnen. Wie zelf als een vijand boog onder het gezag van de levende God, die mag grote gedachten hebben over de macht van het Woord, zowel ten voordeel als tot oordeel, zowel tot verbreking als tot verharding. Niemand minder dan Christus heeft beleden en gebeden: Uw Woord is de Waarheid. Deze waarheid is sterk en zal overwinnen. God geve, dat wij als leden van de Gereformeerde Bond tot verbreiding en verdediging van de Waarheid het nooit verder brengen dan getuigen van deze Waarheid te zijn. Dan zal de Heere wel voor de rest zorgen.

Waarheidsvriend, 1966

Luister deze blog als podcast

Lees verder over dit onderwerp

Abrahams’ offer (2)

„Neem uw zoon en offer hem aldaar op één der bergen, die Ik u zeggen zal". Offeren! Mijn zoon offeren. Een...