Beluister de podcast op   Logo Spotify podcast   Logo Itunes podcast

Beluister de podcast op   Logo Spotify podcast   Logo Itunes podcast

Luister de podcast

woensdag 5 mei

Ik ben de opstanding en het leven

‘Wat een verschil tussen Golgotha met het kruis, en de hof van Jozef van Arimathea, met het geopende, lege graf. Aan het kruis alles lijden. Bij het lege graf alles heerlijkheid. Aan het kruis alles vernedering. In de hof van Jozef uitermate verhoging. Aan het kruis werd het sterven. Het lege graf spreekt van opstanding en leven.’ Ds. S. van Dorp (1880-1963) mediteert over de opstanding van Christus. 

Van Dorp

Als twintiger werd ds. S. (Simon) van Dorp tot predikant bevestigd in het dorpje Zegveld. Vervolgens dient hij de gemeenten Bodegraven, Rotterdam, Utrecht en Den Haag. Na zijn emeritaat gaat hij in Zeist wonen. Daar krijgt hij een nieuwe taak. Elke week schrijft hij meditaties voor het Gereformeerd Weekblad. Een blad waar in de vijftiger jaren bijvoorbeeld ook de broers ds. A. en L. Vroegindeweij en ds. W.L. Tukker aan meewerken. 

Bij zijn overlijden schreef ds. A. Vroegindeweij dat de predikant leefde in een snel veranderende kerk en wereld: ‘Maar ds. Van Dorp is gebleven een liefhebber van de gereformeerde leer, zoals die is neergelegd is in de belijdenisgeschriften onzer kerk en gegrond is op Gods Woord. Daarbij openbaarde hij zich als een oprecht kind van God. Hij dacht niet groot van zichzelf, maar was klein voor de Heere.’ 

Opstanding

Mediterend over de opstanding van Christus merkt ds. S. van Dorp op: ‘Aan de dood moet zijn prikkel ontnomen worden en aan het graf zijn buit. En dit kan niet, dan doordat de dood wordt verslonden tot overwinning. Dat is gebeurd toen Christus opstond. Henoch en Elia hebben de dood niet gesmaakt en dus ook niet overwonnen. De opgewekte doden zijn allen weer gestorven. Maar Christus Jezus is in de dood ingegaan.’ 

Hij kon echter niet in de dood blijven, maar stond eruit op (1 Kor. 15: 14). Van Dorp: ‘Bedenken wij toch dat de opstanding van Christus niet maar een historisch feit is, dat wij voor waar moeten houden. Het is een hèilsfeit, dat wij in geloof hebben te aanvaarden, evengoed als Zijn borgtochtelijk lijden en sterven. Door Zijn opstandig is Hij krachtig bewezen te zijn de Zoon van God. Door Zijn opstanding heeft Hij ons gegeven een praktische verklaring van Zijn diepzinnig woord: “Ik ben de opstanding en het leven.” De Heere is waarlijk opgestaan en nu leeft Hij om nooit meer te sterven. Wij hebben het natuurlijke leven, dat God ons geeft. Wij hebben, als wij wederom geboren zijn door de Heilige Geest, het geestelijke leven, dat de Heere in stand houdt. Maar Jezus Christus is de opstanding en het leven. Hij heeft het zo, dat Hij macht had het af te leggen en macht het wederom te nemen.’ 

Aanbidden in geloof

De predikant verwondert zich over dit heilsfeit: ‘O, wat een heerlijk feit is de opstanding van Jezus! De Verlosser, Die eens werd gekroond met een kroon van doornen, zien wij nu door het geloof gekroond als overwinnaar van de dood; en van hem die het geweld des doods had, dat is de duivel, gekroond als de Vorst van het leven. Dat wij, als wij in Hem geloven mogen, en Hem kennen in beginsel, ons ook verhéugen in die volkomen Zaligmaker. Die kan zeggen: “Ik ben de opstanding en het leven” en dat wij stamelen in verwondering en in aanbidding: “Die ons leven is.” 

De persoonlijke vraag die opkomt vanuit dit onderwijs luidt volgens ds. S. van Dorp als volgt: ‘Gelooft u dat?’ Dat is een veroordelende vraag voor hen die de opstanding loochenen. Het is een ontdekkende vraag voor hen die genoegen nemen met het historisch geloof. Voor mensen als Lazarus’ zus Martha is het een opwekkende vraag. Zij ervaart dat Jezus zo vaak anders handelt dan zij verwacht. Tenslotte is het volgens Van Dorp een noodzakelijke vraag voor allen die de opstanding en het leven niet meer kunnen missen. Opdat hun antwoord wordt: ‘Ik geloof Heere, kom mijn ongelovigheid te hulp.’

Luister deze blog als podcast

Lees verder over dit onderwerp

John Bunyan over God als Vader

‘Al wat de Vader mij geeft zal tot Mij komen’, zei Jezus. John Bunyan (1628-1688) legt uit wat we hiervan kunnen...