Beluister de podcast op   Logo Spotify podcast   Logo Itunes podcast

Beluister de podcast op   Logo Spotify podcast   Logo Itunes podcast

Luister de podcast

woensdag 21 april

Licht van boven in meerdere opzichten

God had geen licht nodig om Zijn werk te kunnen doen, stelt Matthew Henry (1662-1714). Hij schiep echter het licht zodat wij Zijn werken kunnen zien. Daardoor krijgen we zicht op Zijn heerlijkheid. 

Schepping

God sprak en daar was licht. Hij gaf het zodat wij mensen kunnen leven, werken en oog krijgen voor de machtige daden van de Heere. Het licht komt dus uit Zijn scheppende spreken voort, opdat wij oog krijgen voor de Schepper Zelf. 

Henry: ‘Licht is de grootste schoonheid en zegen van het heelal. Evenals de eerstgeborene, lijkt het, onder alle zichtbare dingen, het meest op diens grote Vader. In reinheid, kracht, helderheid en weldadigheid; het is na verwant aan een’ geest.’ 

We kunnen volgens Matthew Henry licht wel beschrijven in het effect ervan. Bijvoorbeeld dat we er iets door kunnen zien. Maar toch doorgronden we het licht zelf niet. De Heere geeft door het licht zicht op Hem, bij Wie geheel geen duisternis is. Dat is genade. 

Licht in het hart

Bij de schepping was het licht belangrijk, maar dat geldt niet minder voor de herschepping. Wanneer een mens van binnenuit vernieuwd wordt en het hart zich richt op de Heere. Henry: ‘In de nieuwe schepping is licht het eerste ding, dat in de ziel wordt gewerkt. De gezegende Geest leidt de wil en de genegenheden gevangen door het verstand te verlichten. En komt zo door de deur van het hart.’ Hij komt als een Herder in het licht. Niet als de duivel door de duisternis heen. Hij brengt licht mee en verlicht het hart. ‘Zij, die door de zonde duisternis waren, worden door genade licht in de Heere.’ 

Door het Woord

Bij de schepping bracht de Heere licht door te spreken. Op een enkel woord van Zijn mond, baadde heel de wereld in het licht. Matthew Henry: ‘Hij wilde en bepaalde het, en direct gebeurde het. Er was licht.’ Het ontstond precies zoals de Heere het voor ogen had. ‘O, hoe groot en ontzaglijk is het Woord van God! Hij sprak, en het was er. Het was er, wezenlijk, afdoend en voor altijd.’

Het Woord van God is levend en krachtig, stelt Henry. Christus is dat Woord en door Hem werd het licht voortgebracht (Joh. 1). ‘Het Goddelijke licht, dat in geheiligde zielen schijnt, is gewerkt door de kracht Gods, de kracht van Zijn Woord; en dat van de Geest van de openbaring.’ 

De Heilige Geest opent het verstand, door het spreken van het Woord. Onwetendheid klaart op als een nevel die verdwijnt. Het Woord geeft kennis van God in Christus. Matthew Henry: ‘Er zou op het aangezicht van de gevallen mensen voortdurend duisternis geheerst hebben, als de Zoon niet was gekomen en ons het verstand had gegeven (1 Joh. 5: 20).’

Luister deze blog als podcast

Lees verder over dit onderwerp

Ds. W.L. Tukker over bekering (1)

Aan de hand van Zondag 33 van de Heidelbergse Catechismus legde ds. W.L. Tukker (1909-1988) uit wat bekering is. Hij...